Interessante discussie rondom G.P.K.

19.12.2017 | Columns | 807 keer bekeken
Interessante discussie rondom G.P.K.

Ik las een interessante discussie over de GPK; de Gehandicapten Parkeer Kaart. Ik vind dit wel een blog-waardig punt, er heerst namelijk nogal wat onenigheid hierover.

Deze beruchte en graag gewilde kaart (er zijn nogal wat mensen jaloers op ons slecht ter been zijnden) krijg je (volgens de regels) als je minder dan 100 meter kunt lopen. Zoals met veel dingen in ons land zijn de regels ter interpretatie van de meneer of mevrouw van de WWZ (bij ons in ieder geval wel). De ene gemeente gelooft je op je mooie blauwe ogen, de andere heeft voor deze beslissing keuringsartsen. Lijkt me erg lastig om voor een ander te bepalen of hij of zij hierin een loopje met je neemt, maar goed, zij hebben daar blijkbaar voor gestudeerd.

In onze gemeente is het aanvragen van een rolstoel genoeg bewijs dat je slecht ter been bent. Het is dan ook niet echt een fashion statement, zo'n stoel op wielen (al vind ik mijn inmiddels met gebruikssporen gehavende Quickie nog steeds erg mooi). Ik heb 'm dus, de kaart, en mag daarmee op de, zoals ik ze noem, 'kneuzenplek' parkeren. Dat is niet alleen prettig om het feit dat ze dichterbij de ingang liggen (wel weer om het zit moment voor mij zo kort mogelijk te houden), nee, het is vooral prettig omdat deze plaatsen breder zijn. Onze bus krijg ik alleen fatsoenlijk in een normaal parkeervak als beide plaatsen ernaast vrij zijn (parkeren met bus is nu eenmaal niet mijn sterkste punt).

Als de Quickie meegaat is het ook fijn, want anders kan hij niet uit de auto. Daarbij heb ik ook extra ruimte nodig bij het in- en uitstappen, het gaat allemaal niet zo soepel meer zeg maar. Tot zover niet echt een discussie, ik vind het wel apart dat de prijzen van deze kaart (ja lieve lezers, we krijgen hem niet voor Sinterklaas) zover uit elkaar liggen (bij gemeenten met een keuring komen de kosten daarvoor er nog bovenop).

Het punt van discussie zit hem in het volgende. Hier in Nederland hebben we keuze uit maar liefst twee soorten gehandicapten parkeer kaarten; de zogenaamde 'P' kaart en de 'B' kaart. Het verschil is de plaats die je inneemt in de auto, niet je handicap. Een 'B' kaart krijg je als bestuurder van de auto en de 'P' als passagier (de benaming is best logisch). Volgens de regels (Zo is het aan mij uitgelegd) krijg je slechts een passagierskaart als je niet in staat bent 'afgezet te worden en daar alleen te kunnen blijven wachten tot de bestuurder de auto heeft weggezet'. In dat opzicht zouden slechts een paar mensen hier recht op hebben, het overgrote deel van ons slecht ter been zijnden kan best even wachten. Lastig wordt het als je wordt afgezet, daar staand moet blijven wachten (terwijl je een kaart hebt omdat je slecht ter been bent) op je partner in crime. Dat is dus ter interpretatie vatbaar.

Laten we gewoon, net als in de rest van Europa, één kaart uitgeven. Als de kneus maar mee is is dat toch prima? Een veel groter probleem is het neerzetten op de bewuste plek zonder kaart, of met de kaart van tante Tien die er niet bij is (wat hier dus écht een no-go is), dat is a-sociaal en het bekeuren waard...

Aanmelden nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws, producten en aanbiedingen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Deel dit artikel

Reacties (1)

Reageren
  • 21.12.2017 - 14:55 uur | Henny Smeenk-Smale

    Gelukkig hanteert mijn gemeente de regels v.w.b. P-kaart bijzonder ruimhartig en kreeg ik 'gewoon' een B/P-kaart, maar feitelijk vind ik die regels t.a.v. die P-kaart bijzonder onlogisch. Alsof elke locatie zich leent om 'eventjes' een gehandicapte met diens hulpmiddel uit te laden. Zie je dat voor je? Ostentatief weliswaar aan de kant van de weg, doch hinderlijk in de weg, busje open, rijplaten eruit, rolstoel eruit, gehandicapte met lamme vlerken in de rolstoel hijsen, jas rechttrekken - ja, hier nog een beetje, nee, hier! - rolstoel mét gehandicapte op de stoel parkeren, liefst ergens onder een afdakje, want het regent, rijplaten weer in het busje, busje dicht, en ja, hèhè, we kunnen op weg naar de parkeerplaats. Ben je toch echt zo 10 minuten verder, in welke tijdspanne zich een ongeduldig claxonnerende file van zo'n 20 auto's achter je gevormd heeft. Daar wordt niemand blij van. Maar dat moet zo. Van de minister. Of van de Koning. Dat weet ik niet precies.